Eerste trimester behandeling

Tot 9 weken zwangerschap kan de behandeling een abortuspil of een zuigcurettage met – of zonder sedatie zijn. Na 9 weken tot 13 weken zal de behandeling een zuigcurettage zijn met – of zonder sedatie.

Zo werkt de abortuspil:

  • Op de eerste dag van de behandeling krijgt u in de kliniek een medicijn dat de werking van het zwangerschapshormoon blokkeert waardoor de zwangerschap stopt met groeien.
  • Vanaf 24 tot 72 uur later brengt u een ander medicijn vaginaal in. Dit kunt u thuis doen. Dit middel veroorzaakt buikkrampen die een aantal uren kunnen aanhouden. Deze buikkrampen voelen als hevige menstruatiekrampen. Andere mogelijke bijwerkingen zijn misselijkheid, koude rillingen en diarree. In combinatie met (soms hevig) bloedverlies wordt het vruchtblaasje uitgestoten.

Zo werkt de zuigcurettage:

Priming
Uit recent onderzoek is gebleken dat cervicale priming met misoprostol, de kans op vroeggeboorte in de volgende zwangerschap(pen) beperkt, voor complicatie reductie zorgt ten gevolge van abortus. Het is daarom nodig om de cervix (baarmoederkanaal) op de ingreep voor te bereiden.
60 – 90 minuten voor de behandeling dienen 2 tabletten misoprostol (Cytotec) sublinguaal (onder de tong) toegediend te worden. Op indicatie kan dit vaginaal gebeuren. Het toedienen van misoprostol kan soms gepaard gaan met buikkrampen.

De zuigcurettage vindt vervolgens plaats in een gynaecologische stoel en duurt ongeveer tien minuten. De behandeling wordt uitgevoerd door een abortusarts die wordt geassisteerd door twee verpleegkundigen.

Met een speculum (eendenbek) wordt de baarmoedermond eerst zichtbaar gemaakt, gedesinfecteerd en plaatselijk verdoofd. Met een zuigbuisje (van 5 à 6 mm) wordt de baarmoedermond vervolgens leeggezogen.

De meeste vrouwen ervaren pijn aan het einde van de ingreep, als de baarmoeder gaat samentrekken. Deze pijn is te vergelijken met (hevige) menstruatiepijn. U kunt tot enkele dagen na de behandeling last hebben van buikkrampen en er kan wat bloedverlies optreden, vergelijkbaar met een normale menstruatie.

Na de behandeling blijft u nog even in de rustruimte. Er is een kleine kans op infectie aanwezig, daarom krijgt u in de kliniek antibiotica.

Nacontrole
De zwangerschapsverschijnselen nemen na ongeveer een week sterk af. Het is verstandig om twee weken (bij zwangerschap van 8 – 9 weken) of drie weken (bij zwangerschap van 4 – 8 weken) na de behandeling een zwangerschapstest en nacontrole te laten doen. Indien de klachten niet afnemen, de zwangerschapstest (nog) positief is of als u nog vragen heeft, neemt u dan contact op met Abortuskliniek Amsterdam.
Bij de afspraak voor het controleonderzoek in de kliniek controleren wij of u lichamelijk goed hersteld bent, of u (nog) klachten heeft en hoe het op emotioneel vlak met u gaat. Ook bespreken wij hoe u de behandeling heeft ervaren en spreken we over verwerkingsproblematiek. Daarnaast wordt aandacht besteed aan anticonceptie. U kunt voor een nacontrole ook naar uw huisarts gaan, in sommige gevallen kan de nacontrole ook telefonisch plaatsvinden.